Nog niet bekend
Diederik Blankesteijn
Het bewerken van muziek voor pijporgel is historisch geworteld want in eerste instantie bestond literatuur voor pijporgel uit bewerkingen van koorstukken. De opvatting dat bewerkingen minderwaardig zouden zijn aan composities die oorspronkelijk voor een instrument zijn gecomponeerd, lijkt mij een modern idee. Dit programma probeert te bewijzen dat er niets mis is met bewerkingen voor orgel of een ander muziekinstrument, integendeel transcripties of arrangementen, zoals bewerkingen ook wel worden genoemd, kunnen, mits van goede kwaliteit, een verrijking vormen in het repertoire voor pijporgel.
* De fuga in d BWV 539 componeerde Bach oorspronkelijk rond 1720 in Köthen voor soloviool in g klein, BWV 1001. De vioolfuga valt op vanwege de contrapuntische elementen. Tussen 1714 en 1717 maakte Bach van de vioolfuga een transcriptie voor orgel en zo ontstond er een vierstemmige fuga van met een aparte lijn voor de bas die voor het pedaal bestemd werd. Bach voegde er toen ook een Prelude aan toe die evenwel wat minder verfijnd is componeer-technisch gezien. Hierdoor is ook wel gesuggereerd dat deze prelude eerder is gecomponeerd of zelfs afkomstig is uit Bach's leerperiode. De prelude wordt vanwege de tijd achterwege gelaten.
** Fauré was langdurig koordirigent en van 1896-1905 organist van de Madeleinekerk te Parijs. Toch heeft hij geen werk voor orgel solo gecomponeerd. Fauré was als componist succesvol. 0p 19 jarige leeftijd direct een prijswinnende compositie maken is niet iedere componist gegeven. Zou dat ermee te maken hebben gehad dat Fauré niet voor pijporgel heeft gecomponeerd?
*** Sommige beweren dat het Amerikaans Kwartet van Dvorak Indiaanse invloeden heeft, vooral in het LENTO. Ik beweer dat je in het Lento hoort dat Dvorak een treinliefhebber toen hij dit werk componeerde regelmatig de trein nam. Hij componeerde ook tijdens de treinreizen. Naar mijn mening kun je de geluiden van de trein horen in het Lento. Je kunt steeds het ritme van de treinbewegingen op de rails horen. De rails had tot 2000 ongeveer om de 20-30 meter een opening ivm krimpen en uitzetten van de metalen rails. Aan het slot hoor je hoe de trein tot stilstand komt.
Willem van Twillert
Diederik Blankesteijn (1996) is concertorganist, kerkmusicus en muziekdocent. Hij studeerde orgel aan het Conservatorium van Amsterdam bij Jacques van Oortmerssen, Matthias Havinga en Pieter van Dijk. Het eindexamenconcert waarmee hij in 2021 zijn studie afsloot, werd beoordeeld met een 9,5. Hij is breed georiënteerd als klavierspeler en volgde ook lessen piano (bij Frank Peters en Wouter Bergenhuizen), basso continuo en improvisatie (bij Miklós Spányi en Rien Donkersloot) en klavichord (bij Menno van Delft).
Diederik won prijzen op verschillende orgelconcoursen. In 2022 werd zijn orgeltranscriptie van de pianosonate van Franz Liszt uitgegeven. In 2023 verscheen zijn debuutalbum 'Liszt: Piano works, arranged for organ' bij Brilliant Classics. Diederik is cantor-organist van de Lutherse Kerk in Utrecht. Als kerkmusicus is hij daarnaast actief in onder andere de Grote Kerk in Nijkerk, de Fonteinkerk in Amersfoort en bij de stichting NijKerkmuziek. Als muziekdocent is hij zowel privé actief als op muziekschool De Muzen in Veenendaal.
Meer informatie: diederikblankesteijn.nl